Koninkrijksrelaties

Vragen van het lid Bosman (VVD) aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het bericht «Acuut behoefte aan meer bewakers en cellen» (ingezonden 23 september 2016).

 


Vraag 1 en 2

Kent u het bericht «Acuut behoefte aan meer bewakers en cellen»?1 In hoeverre komt dit overeen met het laatste met de Kamer gedeelde Plan van Aanpak gevangenis Sint Maarten?



Antwoord 1 en 2


Ja, het artikel is bekend. Het beeld wijkt niet af van het beeld dat de Voortgangscommissie schetst ten aanzien van deze gevangenis. Samen met de Nederlandse zusterdiensten (politie, marechaussee, Dienst Justitiële Inrichtingen) is er – vanwege de geconstateerde stagnatie bij de voortgang van de plannen van aanpak – in april 2016 op Sint Maarten door de politie en het gevangeniswezen van Sint Maarten gewerkt aan verbeter-plannen. Daarbij waren ook het lokale Openbaar Ministerie, de Raad voor de Rechtshandhaving en ambtenaren van het Ministerie van Justitie van Sint Maarten aanwezig. De verbeterplannen zijn door de Minister van Justitie van Sint Maarten ingebracht in de ministerraad aldaar. De regering van Sint Maarten dient nu te bepalen hoe de uitvoerende instanties, waaronder de gevangenis Pointe Blanche, in staat gesteld gaan worden om met de verbeterplannen te beginnen. Dat is ten dele een kwestie van geld. Er zijn ook verbeteringsmoge-lijkheden die niet om extra budget vragen, zoals het wegnemen van onnodige bureaucratie en het terugdringen van ziekteverzuim. De Nederlandse zusterdiensten zijn in beginsel bereid om te helpen. Deze bereidheid is wel sterk gekoppeld aan het vertrouwen in het perspectief. Hulp uit Nederland moet effectief zijn. Zodra de nieuwe regering van Sint Maarten is geïnstal-leerd, zal ik met hen spreken over de voortgang inzake de plannen van aanpak voor de politie en de gevangenis. Uiteraard met nauwe betrokkenheid van de Voortgangscommissie en het Ministerie van Veiligheid en Justitie. 1Amigoe, 13 september 2016



Vraag 3


Wie is er verantwoordelijk voor de ontstane situatie in de Pointe Blanche-gevangenis?


Antwoord 3


Zoals bekend is de rechtshandhaving, en daarmee het beheer van de gevangenis op Sint Maarten, een autonome aangelegenheid en valt deze onder de politieke verantwoordelijkheid van de Minister van Justitie op Sint Maarten. Ten tijde van de totstandkoming van de huidige status van Land zijn er in de Ronde Tafel Conferentie (september 2010) met Sint Maarten afspraken gemaakt over het verder brengen van een aantal onderdelen van de rechtshandhavingsketen, vastgelegd in de eerder genoemde plannen van aanpak. Daarmee is er sprake van concrete verplichtingen voor het land Sint Maarten waarvan ik als Minister van Koninkrijksrelaties naleving verlang. Het feit dat de van toepassing zijnde algemene maatregel van rijksbestuur onlangs voor de derde maal is verlengd, spreekt boekdelen over de mate waarin en de snelheid waarmee de overeengekomen vooruitgang wordt geboekt. De rapportages van de Voortgangscommissie spreken eveneens van stagnatie of achteruitgang. Na installatie van de nieuwe regering van Sint Maarten zal ik over de voortgang spreken met de regering van Sint Maarten en aandringen op besluitvorming en uitvoering van het verbeterplan voor de gevangenis.


Vraag 4


In hoeverre kunnen onveilige situaties in de Point Blanche-gevangenis verantwoordelijkheden opleveren voor Nederland?


Antwoord 4


De regering van Sint Maarten is verantwoordelijk voor de gevangenis en daarmee ook voor de veiligheid in de inrichting. Zoals hiervoor beschreven zal ik als Minister van Koninkrijksrelaties toezien op het nakomen van de rond 10-10-10 gemaakte afspraken. Die opdracht neem ik zeer serieus en in samenspraak met de Voortgangscommissie is mijn inzet er op gericht dat de gevangenis Pointe Blanche op een niveau wordt gebracht dat aanvaardbaar is voor een detentie-inrichting.